De Piro van de West-Vlaamse Scheldestreek

Piro4.gif
De piro, een kruidig varkensvleesworstje in pistoletdeeg dat al dan niet terug wordt opgewarmd, wordt in de West-Vlaamse Scheldestreek de hele winter door gegeten.

In de meeste cafés en herbergen gaat het zowat altijd samen met een kaarting of een teerlingbak. Het is reeds een oud gebruik. De leden van de Avelgemse bakkersfamilie Vandemeulebroucke hielden er hun bijnaam ‘piro's' aan over. In het eerste deel van de vorige eeuw was ‘Schoolmeester piro Vandemeulebroucke' (zoon van de bakkersfamilie) dan ook een begrip voor veel oudere Avelgemnaren. De naam werd nog vele jaren voor de bakkerij gebruikt.

Waar de piro vandaan komt is voer voor discussie. Ook de vraag waarom hij slechts in het Avelgemse bekend is, is nog steeds onopgelost.

Sommige beweren dat hij uit Frankrijk is overgewaaid met de vele seizoensarbeiders uit de streek. In Rijsel zouden ze het gebruik hebben leren kennen en waarderen ter gelegenheid van de ‘Ducasse du Pierrot' (letterlijk vertaald: kermis van de hansworst). Merkwaardig is het dan wel dat er, in die vele andere West-Vlaamse dorpen en gemeenten waar ooit ‘trimards' kwamen, geen spoor van de piro's meer te vinden is. Ook in Frankrijk lijkt het gebruik niet (of niet meer) te bestaan.

Een andere visie is dat een Vlaamse soldaat, in dienst bij het leger van Napoleon, het worstenbroodje leerde kennen tijdens een veldtocht in Rusland. Na zijn legerdienst vestigde hij zich in onze streek en ging er aan de slag als bakker. Hij begon het worstenbroodje te bakken en verkocht het met succes. Het broodje noemde hij piro, een afkorting van de in Rusland gebruikte naam ‘PIROTJKA'.

U merkt het: we kunnen u geen zekerheid bieden over de afkomst van de Piro, maar we durven wel stellen dat u hem minstens één keer moet gegeten hebben!
  • Delen

Contact